Quote

Pasen

Nog anderhalve week en het is weer Pasen! Bij ons in de tuin staan de kersenbomen vol in bloesem, en de narcissen zijn zelfs alweer bijna uitgebloeid. Heerlijk al dat nieuwe leven. Een fijne tijd om wat kleine dingen te maken om het huis mee op te vrolijken! Hierbij wat links naar gratis patroontjes.

Dit schattige kuikentje komt net uit het ei. Een patroon van Aukje de Vries, hier te vinden.

Lekker vrolijk op de tafel, niet alleen met Pasen, zijn deze mooie gehaakte narcissen. Hier staat het patroon.

Deze mooie mandjes met paashazen van Hilde Haakt zijn gemaakt met een bijzondere mochila-achtige haaktechniek. Het patroon en meer uitleg zijn hier te vinden.

Voor de paaseieren heeft ze ook een patroontje, dat vind je hier. Ook leuk aan een lintje aan de paastak.


Voor wie niet van zulke knalkleuren houdt maar wel wat moois wil haken voor de lente, zijn deze onderzetters wel wat. Het patroon staat hier.


En tot slot nog twee breipatronen van Garnstudio Drops. Vrolijke pannenlappen met kuikentjes:

En ben je helemaal in een gekke bui, dan brei je voor jezelf een paar paassokken met kuikens of paashazen!

Alvast fijne paasdagen gewenst!

 

Advertenties
Chat

Een trui aanpassen aan je eigen maten

De standaard maten van een breipatroon komen niet altijd mooi overeen met je eigen maten. Of een trui heeft een recht model terwijl je graag taillering zou willen (zoals bij IJslandse truien). Dan kun je relatief eenvoudig het patroon aanpassen aan je eigen maten. Het vergt even wat meet- en rekenwerk, maar als je dat één keer hebt gedaan is het daarna steeds makkelijker.

NB. In deze post ga ik ervan uit dat je tailleomtrek kleiner is dan je heupomtrek. Natuurlijk geldt dat niet voor iedereen. Heb jij meer het ‘appel’ dan het ‘peer’ figuur, dan zul je waarschijnlijk liever voor een recht model gaan zonder taillering.

Over minderen en meerderen

Ik heb verschillende methodes van minderen en meerderen geprobeerd, en onderstaande vind ik persoonlijk het mooiste resultaat geven. Ik minder meestal 4 steken per toer. Aan de voorkant minder ik vlakbij de zijkant en aan de achterkant meer naar het midden toe. Je ziet dan op de rug lijnen die de zandloper-vorm benadrukken:
minderen-taillering-trui-2
Vind je dat niet mooi, dan kun je op de rug ook dichter bij de zijkanten minderen net als aan de voorkant. Hoef je niet zoveel steken te minderen, dan zou je ook 2 steken per toer kunnen minderen alleen aan de zijkanten.

Het minderen doe ik op twee manieren: op de ene plek brei ik 2 steken recht samen en op de andere plek haal ik twee steken recht af, zet ze (gedraaid) terug op de linkernaald en brei ze vervolgens samen (in het Engels SSK ofwel slip, slip, knit genoemd). De ene manier van minderen leunt wat naar rechts en de andere naar links, en daardoor krijg je die schuin naar elkaar toelopende lijnen. Aan de voorkant ziet dat er zo uit:
p1150222c
In een schema gezet ziet het minderen voor de taillering er als volgt uit (klik om te vergroten):
minderen-voor-tailleringVanaf de taille richting de borst moet er meestal weer gemeerderd worden. Dat doe ik op dezelfde plekken als de minderingen. Persoonlijk vind ik het resultaat het mooist (het minst zichtbaar) als je in de voor- en achterkant van een steek breit. De draad tussen twee steken oppakken en gedraaid breien is een andere optie.

Maar hoeveel steken moeten er geminderd en gemeerderd worden??

Stap 1 – Meten

Een proeflapje. Brei eerst een proeflapje en was en droog dat op de manier waarop je de trui zult gaan wassen. Meet hoeveel steken en hoeveel toeren je hebt per 10 cm. Deel dat vervolgens door 10 zodat je het aantal steken en toeren per cm krijgt. Heb je bijvoorbeeld 19 steken en 25 toeren per 10 cm, dan is dat 1,9 steken en 2,5 toer per cm.

Je maten. Meet de volgende maten op bij jezelf (een beetje hulp is handig, vooral bij de lengte):

  • Omtrek borst
  • Omtrek taille
  • Omtrek heupen (ter hoogte waar je de onderboord van de trui wilt hebben)
  • Omtrek pols, elleboog en bovenarm
  • Afstand heup-taille, heup-borst en heup-oksel (heup = ter hoogte van de onderboord)
  • Afstand taille-borst
  • Afstand borst-oksel
  • Afstand pols-elleboog en pols-oksel

 

Stap 2 – Bepaal de speling

Wil je je trui precies passend, hou dan de maten aan zoals je ze gemeten hebt. Wil je een beetje extra ruimte, tel dan 2 tot 5 cm bij de maten op (dit wordt wel ‘positive ease’ genoemd). Wil je een slim-fit model (‘negative ease’), trek dan 2 tot 5 cm van de maten af.

 

Stap 3 – Rekenen

Door je heupomtrek te vermenigvuldigen met het aantal steken per cm kom je op het totale stekenaantal uit dat je moet opzetten. Rond dit aantal af naar een even aantal. Brei je een boord 2r/2av, zorg dan dat het aantal steken dat je opzet deelbaar is door 4.
[Heb je bijvoorbeeld een heupomtrek van 96 cm en het aantal steken per cm is 1,9, dan zet je 96 x 1,9 = 182,4 steken op, afgerond naar een even getal is dat 182. Dit is niet deelbaar door 4, dus dan zet je 180 of 184 steken op (of je breit een ander soort boord, bijvoorbeeld gerstekorrel of 1r/1av). Wil je de trui iets losser dan zou je uit kunnen gaan van 99 cm en dan zet je 99 x 1,9 = 188 steken op.]
Reken op dezelfde manier uit hoeveel steken je ter hoogte van je taille en borst nodig hebt en rond ook dit af naar een even aantal.

Van heup naar taille ga je steken minderen. Trek het aantal steken voor de taille af van het aantal steken voor de heup om te weten hoeveel. Dit aantal moet geminderd worden over de afstand heup-taille. Als je niet wilt minderen in de boord, bepaal dan eerst hoeveel cm je de boord wilt hebben en trek dat ervan af.
[Bijvoorbeeld: je afstand heup-taille is 15 cm. Exclusief een boord van 4 cm heb je dan 11 cm om te minderen.]
Je mindert 4 steken per toer (of 2) dus deel het aantal steken dat je moet minderen door 4 (of 2). (Je kunt ook 4 steken per toer minderen en tot slot een keertje 2 als dat zo uitkomt met het aantal steken.) Nu weet je hoeveel keer je een toer met minderingen moet breien. Deel het aantal cm dat je hierboven hebt bepaald [11 cm in het voorbeeld] door het aantal minderingstoeren dat je moet breien. Dit geeft je de afstand tussen de minderingstoeren.
[Bijvoorbeeld: je wilt minderen van 180 steken (heup) naar 140 steken (taille). Dat zijn 40 steken om te minderen. Je mindert 4 steken per toer, dus dat zijn 40 : 4 = 10 toeren waarin je mindert. Over een afstand van 11 cm betekent dat dat je elke 11 : 10 = 1,1 cm dus ongeveer elke cm een toer met minderingen breit.]

Wil je niet steeds hoeven meten, dan kun je ook uitrekenen hoeveel toeren er tussen de minderingen moeten zitten. Vermenigvuldig daarvoor het aantal centimeters heup-taille met jouw aantal toeren per cm. Vervolgens deel je dit door het aantal minderingstoeren dat je moet uitvoeren.
[Bijvoorbeeld je aantal toeren per cm was 2,5, dus over een afstand van 11 cm brei je 11 x 2,5 = 27,5 toeren, afgerond 28 toeren. 10 keer minderen over 28 toeren, 28 : 10 = 2,8 dus je mindert ongeveer elke 3e toer. Je komt dan niet helemaal uit, dus je zou eerst 8 keer elke 3e toer kunnen minderen en dan nog 2 keer elke 2e toer.]

Van taille naar borst zul je waarschijnlijk weer wat steken moeten meerderen, reken uit hoeveel. Dit aantal steken meerder je over de afstand taille-borst. Reken op dezelfde manier als hierboven uit per hoeveel cm of per hoeveel toeren je moet meerderen.
[Bijvoorbeeld: je meerdert van 140 steken (taille) naar 166 steken (borst). Dat zijn 26 steken om te meerderen en je meerdert 4 steken per toer; 26 : 4 = 6,5, dus dat zijn 7 toeren met meerderingen (6 keer 4 steken meerderen en nog 1 keer 2 steken meerderen). Stel je afstand taille-borst is 20 cm, dan meerder je dus over een afstand van 20 cm.  20 cm : 7 = 2,9 cm, dus je meerdert elke 3 cm. Ofwel als je de toeren wilt tellen: het aantal toeren over die afstand is 20 cm x 2,5 toeren/cm = 50 toeren. 50 toeren: 7 = 7,1 dus je meerdert elke 7e toer vanaf de taille.]

Daarna brei je door tot je de hele lengte heup-oksel gebreid hebt. Op basis van het aantal steken op borsthoogte kijk ik altijd even in het patroon bij welke maat ik het dichtst in de buurt zit. Als bijvoorbeeld maat S eindigt met 170 steken voor het lijf en ik heb er 166, dan meerder ik in één van de laatste toeren nog 4 steken. Zit je helemaal niet bij een maat in de buurt dan kun je ook je eigen maat verder breien, zorg dan wel dat het aantal steken dat je hebt deelbaar is door het aantal steken van het telpatroon van de schouderpas (dat is vaak een herhaling van 8 of 10 steken).

Voor de mouwen ga je op dezelfde manier te werk. Je rekent uit hoeveel steken je ter hoogte van de pols, elleboog en bovenarm wilt hebben en bekijkt hoeveel meerderingen je daartussen nodig hebt. In de mouw meerder je telkens 2 steken per toer, 1 aan weerszijden van het begin van de ronde. Dus als je 16 steken wilt meerderen zijn dat 16 : 2 = 8 toeren met meerderingen. Als de lengte pols-elleboog 16 cm is meerder je dus elke cm. Het aantal toeren over die 16 cm is 16 x 2,5 = 40 toeren, dus dan meerder je elke 40 : 8 = 5 toeren. Hou ook hier rekening met een boord, als je niet in de boord wilt meerderen. Bovenaan gekomen kijk je ook hier of je bij dezelfde maat in de buurt zit, zodat je eventueel nog een paar steken kunt meerderen en dan de schouderpas volgens het patroon verder kunt breien.

Het is een heel verhaal, maar ik hoop dat de voorbeeldberekeningen veel duidelijk maken. Heb je vragen, aarzel dan niet om ze hier te stellen!

 

Afbeelding

Aftur IJslandse trui

aftur-ijslandse-trui-patroon-wol-van-polDeze winter heb ik een IJslandse trui voor mezelf gebreid. Het patroon heet Aftur en het is één van de gratis patronen van Istex Lopi. Het oorspronkelijke kleurenschema is beige met bruin-, rood- en oranjetinten. Erg mooi, maar ik wou toch wat anders. Ik ben uitgekomen op een schema met blauw, felblauw, paars en roze.

Ik heb wel wat aanpassingen gedaan om meer een ‘slim-fit’ model te krijgen. De mouwen ben ik een stuk smaller begonnen met maar 32 steken. Naar de oksel toe heb ik regelmatig gemeerderd tot een totaal van 60 steken. Ook heb ik ze wat langer gemaakt. In het lijf heb ik taillering aangebracht. Wil je zelf ook taillering aanbrengen in een IJslandse trui? Volgende week zal ik een berichtje posten hoe je dat het beste kunt aanpakken!

De trui is gebreid met Lett lopi. Het fijne aan deze wol vind ik dat het heel licht is, je hebt helemaal niet het idee dat je een dikke wintertrui draagt en toch is hij heerlijk warm. Via onze webwinkel is het gratis patroon te downloaden en er staan nog veel meer patronen op (klik hier om te kijken).

De kleurnummers die ik heb gebruikt zijn trouwens 0054 Ash heather, 9419 Ocean blue, 1404 Glacier blue, 0051 White, 9429 Berry heather en 9428 Rose heather.

aftur-ijslandse-trui-patroon-wol-van-pol-2

Link

Breinaalden etuis

KnitPro heeft nieuwe opberghoezen uitgebracht voor breinaalden. Het zijn stoffen etuis met prachtige stempelmotieven. De rode variant heet Aspire en de blauwe Glory.

Er zijn kleine etuis voor naaldpunten van verwisselbare rondbreinaalden. Hierin is ruimte voor 16 paar naaldpunten en in het midden zit een vakje voor kabels of andere handigheidjes:

Knitpro verwisselbare naalden etuis glory aspire
En er zijn grotere hoezen waar je niet alleen naaldpunten en kabels maar ook sokkennaalden of haaknaalden in kwijt kunt, plus nog allerlei andere attributen in de verschillende vakken:

Knitpro breinaalden etuis glory aspire

Beide dessins en formaten zijn nu met 10% korting te bestellen bij Wol van Pol. Klik hier om naar de webwinkel te gaan!

Link

Kauni patronen

Wat kun je zoal maken met de bijzondere garens van Kauni? In deze post een aantal ideeën en patronen!

Deze sjaal is een echte eyecatcher. Het patroon heet Wiggle wrap en is voor $6.05 USD te koop op Ravelry (ik heb zelf laatst voor het eerst een patroon gekocht op Rravelry en het beviel goed. Je maakt een paypall account aan waarmee je veilig kunt betalen en krijgt de PDF meteen toe gemaild). De linker sjaal is gemaakt met Kauni 8/2 effectgaren in de kleuren EZ (1 bol) en EL (1 bol), de rechter sjaal is gemaakt met 1 bol EQ en 1 bol effen grijs.
Kauni wol Wiggle wrap
De sjaal hieronder heet Gail en is gratis te downloaden. Je kunt hem zowel van Kauni 8/1 lace garen breien als van 1 bol 8/2 garen. De bovenste afbeeldingen laten de sjaal zien in kleur EQ, links in 8/2 garen, rechts in 8/1 garen. Linksonder is de sjaal in 8/2 kleur EZ en rechtsonder in 8/2 kleur EKS.
Gail sjaal KauniEen heel populair patroon is de Rainbow cardigan, een gratis patroon. Het origineel is met blokjes, maar sommige breien er het patroon Damask in van Dale of Norway (via google is een teltekening te vinden).
Kauni damaskOok leuk, een gestreept vestje. Links kleur EZ met wit, midden EG met antraciet en rechts EQ met grijs. Het patroon is hier gratis te downloaden.
Kauni striped cardigan
Deze deken knalt eruit! Opgebouwd uit blokken die op deze website staan. En lekker vrolijk, deze gehaakte tas van Kauni en Lopi Einband. Het patroon voor de tas is voor €4.24 te koop.
Kauni deken tasKauni brengt zelf ook patronen uit. Ze kunnen als PDF van de Kauni website worden gehaald, en patronenboek 13 is ook verkrijgbaar als boekje. Er staan patronen in voor een vest met rozen, een ajour sjaal, een driehoekige omslagdoek en een muts.
Kauni patronenboek 13Links naar de projecten op Ravelry:
Wiggle wrap blauw en regenboog
Gail 8/2 EQ, 8/1 EQ, 8/2 EZ en 8/2 EKS
Gestreept vestje blauw, roze, regenboog
Rainbow gardigan blokjes en damask
Blokken deken

Kauni wol met korting

Kauni wol met korting

We hebben een nieuw merk in de winkel: Kauni!

Kauni is een Deens bedrijf dat 100% wollen garens produceert in Estland. Ze maken zowel uni garens als prachtige garens met kleurverloop. Het regenbooggaren is al een echte klassieker, en er zijn nog veel meer kleuren.
Een paar voorbeeldjes wat je met dit mooie garen kunt maken (kijk voor nog veel meer ideeën eens hier op Pinterest):

Kauni effectgaren webwinkel 2De effectgarens zijn er in twee diktes. Het 8/2 garen is geschikt voor pen 3-4 mm, en het 8/1 garen is een lace garen, vooral geschikt voor kantbreiwerk. Het 8/2 garen is te koop per bol, het gewicht varieert van 130 tot 160 gram. De uni garens verkopen we ook in bolletjes van 50 gram. Het 8/1 garen is te koop in strengen van rond de 250 gram.

Klik hier om naar de webwinkel te gaan.

Kauni effectgaren webwinkel

Babytruitje van Lett lopi

Babytruitje van Lett lopi

Een tijdje terug kreeg ik een paar bladzijdes uit een bijlage van de Telegraaf met hele leuke gratis breipatronen voor baby’s. Op internet kun je ook alle patronen vinden (als de link niet meer werkt, zoek dan even op telegraaf vrouw breipatronen baby). Van Lett Lopi heb ik dit babytruitje gebreid:
Babytruitje Lett LopiPatroon: Vest met kaboutermutsje uit Telegraaf Vrouw (gratis)
Garen: Lett Lopi, 3 bollen 0086 (light beige), 2 bollen 1417 (frost bite), 1 bol 1404 (glacier blue), 1408 (light red) en 1411 (sun yellow).
Naalden: 3,5 of 4 mm, afhankelijk of je strak of los breit.
Zie het project hier op mijn Ravelry pagina.

Alle delen van dit truitje worden vlak heen-en-weer gebreid, en dat was wel even wennen! Meestal brei ik truien en vesten in het rond. Ik vind ook eigenlijk dat een dergelijk motiefje op de schouders veel mooier uitkomt als je deze rond breit. Een ander nadeel van het patroon vond ik dat je op het eind héél veel draadjes weg moet werken. De kleuren zaten telkens aan de verkeerde kant als je ze een paar toeren verderop weer nodig hebt, waardoor je opnieuw moest aanhechten. Desondanks is het wel een schattig truitje geworden. Babytruitje Lett Lopi 2
Er waren in totaal 7 gratis patronen in de bijlage. Hieronder staan er nog drie die ik erg leuk vond, vooral de pinguin trappelzak! Deze heeft 13 steken per 10 cm en zou je heel goed van Alafoss Lopi kunnen breien. De kleur 0005 Black heather is dan een mooie zachte en iets gemêleerde kleur voor het ‘zwart’ van de pinguin.
Baby breipatronen telegraaf vrouw